Bekkenscheefstand

De basis van de Dorn-therapie is altijd de correctie van het beenlengteverschil. Bijna iedereen heeft een beenlengteverschil. De benen zijn wel even lang, alleen daar waar het been langer lijkt, is er meer ruimte in het heupgewricht. Bij uitzondering is het beenlengteverschil het gevolg van een operatie of geboorteproblemen. De benen zijn de steunpilaren van ons bekken. Als deze pilaren ongelijk zijn, staat ook het bekken scheef! Dit komt veel voor en het verdient aanbeveling verholpen te worden omdat het anders voor problemen kan zorgen. Vaak leidt het tot heiligbeenverschuivingen (daarop staat de wervelkolom) en veel chronische problemen: scoliose, lage rugklachten, heupklachten, kniepijn, voetproblemen, verzakkingen, darm- en blaasproblemen en nek-/schouderklachten.

In geval van ongelijke beenlengte krijgt men vaak te horen: leer er maar mee leven, draag aangepast schoeisel. Echter dit stabiliseert de scheefstand, wat later tot enorme heup- en lage rugklachten kan leiden. Het lange been moet juist 'korter' gemaakt worden. Door de Dorn-therapie kan iedereen zijn benen op gelijke lengte houden.

Oorzaken en oplossingen voor het beenlengteverschil

De oorzaken van ongelijke benen kunnen zijn: een val, vertillen, een misstap maar vooral het gewoon zitten. Als men zit staat de romp in een 90-graden positie ten opzichte van de benen. De heupmusculatuur ontspant zich. Het heupgewricht bestaat simpel gezegd uit een kop en een kom met ertussen kraakbeen en daaromheen spieren en pezen. Slaan we nu het ene been over het andere, dan wordt de kop van dat bovenbeen uit de kom van het heupgewricht "getrokken". Bij het opstaan glijdt het gewricht niet automatisch terug in de goede positie. De spieren zijn door het staan weer aangespannen en stabiliseren nu de foute houding. Nog sterker gebeurt dat in de auto omdat deze bij het zitten ook nog trilt. Door deze vibraties trillen de kop en de kom milimeter voor milimeter uit elkaar. Zo kan er een beenlengteverschil van wel 3 centimeter ontstaan. Om dit weg te werken zetten we geen verhoging onder het te korte been maar gaan we het lange been korter maken.

De wervels

Als door het opheffen van het beenlengteverschil de basis in orde is gaan we verder met de wervelkolom. Alle wervels worden gecontroleerd en wanneer ze niet in de goede positie staan worden ze voorzichtig weer op hun goede plek gedrukt. De rug wordt gemasseerd met Johannesolie waardoor de spieren zich gemakkelijker ontspannen. Dan oefent de therapeut gericht druk uit op de doornuitsteeksels van de wervels die afwijkend stonden. De cliënt moet dan voor de borstwervels met beide armen pendelen en voor de lendewervels met het tegenovergestelde been pendelen. Hierdoor ontstaat er beweging in de musculatuur: de wervel glijdt weer in de goede positie. Staan alle wervels op hun meest ideale positie dan ziet de ruggengraat eruit als een parelketting. De wervelkolom wordt zowel links als rechts van onder naar boven behandeld.

En verder?

Na de Dorn behandeling moet men 2 à 3 dagen (grote) inspanningen vermijden. Er kan wat spierpijn optreden op plaatsen waar de wervels gecorrigeerd zijn. Dat betekent dat de nieuwe positie gestabiliseerd wordt. Veel water en thee drinken is nodig. Na een week wordt opnieuw gekeken en een behandeling uitgevoerd. Afhankelijk van de klachten en ervaringen wordt zonodig een vervolg gepland. In de meeste gevallen is een regelmatige check aan te bevelen.

Dorn therapie is eenvoudig doeltreffend!

 

 

In beeld

Cursusagenda:

13 januari: workshop Voetreflexologie

inschrijven via Dit e-mail adres is beschermd door spambots, u heeft Javascript nodig om dit onderdeel te kunnen bekijken